In de zestiende eeuw veranderde er veel. Nederlanders waren een volk van ontdekkingsreizigers. Veel nieuwe landen werden bezocht en gewoontes overgenomen. Op godsdienstig gebied was men toen in de Nederlanden tolerant. Er waren mensen die zich gingen verzetten tegen de Katholieke kerk omdat die allerlei dingen deed die niets meer met godsdienst te maken hadden. De bekendste opstandigen waren Luther, Calvijn en Erasmus. Ook had men een enorme drang naar vrijheid, en was men dus nog wel eens opstandig. In die tijd waren de Nederlanden eigendom van Spanje. Zij waren dus de baas, hadden de beste baantjes, eisten hoge belastingen en wilden dat iedereen fanatiek katholiek was. De Spanjaarden hadden de inquisitie opgericht. Door het land trokken Spanjaarden die alles wat met ketterij te maken zou kunnen hebben onderzochten.
Iedereen die verdacht werd van ketterij (dat is dus alles wat tegen de Katholieke godsdienst zou kunnen zijn), werd opgepakt, gemarteld en als je dat overleefde werd je opgehangen of levend verbrand. Er werden heksenproeven ontwikkeld om te zien of iemand een heks was. Een van die proeven was dat je handen aan je voeten werden gebonden en je in het water werd gegooid. Bleef je drijven, dan was je een heks, bleef je niet drijven...
Ook waren er weegschalen om te kijken of je niet te licht was in verhouding tot je lengte. Heksen vlogen door de lucht op bezemstelen, dus moesten zij wel licht zijn. Het volgen van een dieet was in die tijd niet populair.
Beschuldigingen werden door de inquisitie onderzocht, op een manier die bijna altijd tot een bekentenis leidde. Men martelde de verdachte net zo lang tot hij bekende of tot hij dood was. Katten werden gezien als dieren van de duivel, dus die kon je ook beter niet hebben, net zo min als moedervlekken want dat waren ‘plaatsen waar de duivel je had aangeraakt’.
Duizenden 'heksen' (vaak dus gewone mensen of mensen met een andere godsdienst , in de Nederlanden waren dat protestanten) werden in Nederland verbrand of doodgemarteld.
De bevolking kwam daardoor in opstand en bestormde uit wraak de kerken waar men veel beelden kapotsloeg. (De beeldenstorm, 1566) De Spaanse koning was woest en stuurde een nieuwe bevelhebber, Alva, die de Nederlanders nog wreder aanpakte. De Nederlanders die een hoge positie hadden, de edelen, vluchtten eerst naar het buitenland. Onder hen Willem van Oranje, die naar Duitsland ging.
Er kwam steeds meer opstand en in 1572 wordt Den Briel door een legertje opstandigen (de watergeuzen) ingenomen. Veel steden komen in opstand en sluiten zich aan bij deze vrijheidsstrijd van Willem van Oranje. In 1584 wordt hij vermoord. Sindsdien hebben we dus een koningshuis, namelijk dat van Oranje Nassau. Ook in die tijd ontstond het Wilhelmus, dat nu nog steeds het Nederlandse volkslied is. De strijd duurt tot 1609, maar pas in 1648 is het echt vrede en zijn er onafhankelijke Nederlanden.

Klik hier voor alle coupletten

Boeken :
Thea Beckman - De val van de Vredeborch
Het is 1548. Jan Jacobs is twintig jaar oud en brouwersknecht in Antwerpen. Hij wordt verbannen uit zijn geboortestad, omdat men hem verdenkt van ketterij. Hij gaat op pad om in een andere stad zijn geluk te beproeven. Voor een goede brouwersknecht is er immers altijd werk.
Thea Beckman - Het geheim van Rotterdam
1473: Vondeling komt terecht in goed huis, maakt op latere leeftijd kennis met een chirurgijn die in hem een goede hulp ziet voor het vinden van de steen de wijzen. Ondertussen speelt de geschiedenis van Rotterdam ook een rol.
Thea Beckman - Stad in de storm
Het verhaal begint op de heksenwaag in Oudewater, in 1672, en eindigt met de verwoesting van Utrecht twee jaar later. Hans de drukkerszoon, beleeft gevaarlijke jaren:de Fransen bezetten de stad. Anderhalf jaar van geweld en steeds toenemende uitbuiting volgen. Om het moreel van de bevolking hoog te houden, drukken Hans en zijn vader 's nachts in het geheim pamfletten met nieuws dat de belegerde stad is binnengesmokkeld. Er is altijd wel wat nieuws, want er gebeurt veel die dagen. De Hollandse waterlinie wordt voortdurend bestookt en voor Kijkduin worden de Engelsen door de Ruyter verslagen.
De Gouden Eeuw
Men noemt de 17de eeuw wel de Gouden Eeuw. Dit omdat er in die tijd door de handel veel welvaart ontstond in de Nederlanden. Schepen reisden de hele wereld over en door de koop en verkoop van onder andere specerijen werden sommigen in de Nederlanden rijk. Daardoor had men ook meer tijd voor kunst. Enorme kerken werden gebouwd, schilderijen liet men maken. Als je geld had liet je een portret van jezelf maken. Rembrandt van Rijn was een van die schilders. Nu wereldbekend, maar over het algemeen waren de schilders in die tijd gewone werklieden. Schrijvers in die tijd waren Vondel, Bredero en Cats.
LS02
Link naar Nachtwacht in detail

Na de Gouden Eeuw

Vrijheidsbeeld, HET symbool van de vrijheid |
Langzamerhand kwamen er steeds meer uitvindingen. De ene groep mensen vindt uitvindingen goed, anderen zijn er weer tegen. Het gewone volk had meestal weinig voordeel van uitvindingen en nieuwigheden. Zij hadden juist vaak te maken met de slechte kanten in het leven, ziekte, armoede en oorlogen. Door de onafhankelijkheid van Amerika, op 4 juli 1776 krijgen veel mensen het idee dat ook zij meer rechten zullen krijgen.
Door het meer gebruiken van machines ontstaat steeds meer industrie. Daar waren wel arbeiders voor nodig die 12 uur per dag of meer tegen een hongerloontje moesten werken. Arbeiders toen, waren mannen, vrouwen en kinderen. Tijd voor andere dingen was er dan nog nauwelijks.

